
Om erbij te horen, is het fijn om overeenkomsten te hebben. Mensen doen van alles om erbij te horen. Ze passen zich aan. Dragen dezelfde dingen, bewegen hetzelfde, zeggen dezelfde dingen, hebben dezelfde mening.
En ze zijn ook tégen hetzelfde.
Daardoor ontstaat een WIJ en een ZIJ.
Ik hoor hierbij en daar is de andere groep.
Maar we bepalen zelf hoe we WIJ definiëren.
Als WIJ ‘de mensen’ is dan is ZIJ bijvoorbeeld ‘de dieren’
Als alle mensen samen WIJ zijn
Dan zijn WIJ anders
Dan doen WIJ anders
Dan leren WIJ omgaan met ANDERS
Dan zijn wij niet TEGEN
Dan zijn wij VOOR
VOOR VERSCHILLEN
Dat geeft SAMEN
Dat maakt WIJ
Mooi
